StoriesTekst

Dochter van drugsverslaafde moeder getuigt: ‘De persoon die ik het meest vertrouwde, heeft me laten zitten’

'Het gevoel dat mijn moeder mij gaf, kan ik haar nooit meer vergeven.' ©Pexels

‘Des C. (23) had een zorgeloze jeugd. Ze had een grote vriendenkring en een moeder waarop ze altijd kon rekenen. Maar drugs maakten zich meester over haar moeder: ‘De periode waarin ze niet meer thuiskwam, was de periode waarin ik besefte dat ik haar aan het verliezen was.’

‘Van jongs af aan wist ik al dat mijn moeder drugs nam’, begint Des. ‘Maar toen beperkte het druggebruik zich enkel tot cannabis. Voor mij was het de normaalste zaak van de wereld dat mijn moeder ’s avonds een jointje rolde nadat ze alle huishoudelijke taken had volbracht. Ik herinner me een houten kistje waarin ze al haar spullen in opborg. Denk maar aan de blaadjes en de zakjes wiet. Dat kistje zat verstopt in een kast die altijd op slot was. Ik heb mijn moeder destijds nooit high gezien want ze smoorde enkel wanneer ik en mijn broer al in bed lagen.’

‘Het was pas later, op mijn 21ste, dat ik aan haar zag dat het niet meer enkel om jointjes ging’, gaat Des verder. ‘Mijn broer was toen al verhuisd naar mijn vader dus het was enkel zij en ik. Ze at niet meer regelmatig, ze kwam laat of zelfs niet thuis en was fel vermagerd. Vooral in haar gezicht. Ondertussen was ik al oud genoeg om te weten dat dit de gevolgen waren van druggebruik en dat er meer aan de hand was. Het begon tot me door te dringen dat er cocaïne en speed in het spel zaten.’

Drugpanne

Des begon de gevolgen van haar moeders druggebruik snel te ondervinden. Ze werd het slachtoffer van haar moeders daden. ‘Op een avond was ik alleen thuis en er was geen elektriciteit of verwarming meer. Ik vond dit zo vreemd dus ik besloot een berichtje te sturen naar mijn buurvrouw. Misschien was het een panne? Meteen kreeg ik een sms’je terug: “Neen, geen panne.” Alles was afgesloten bij ons thuis. Op dat moment besloot ik om haar facturen, waarvan de enveloppen nog niet waren geopend, te bekijken. Ik werd met verstomming geslagen. Al meer dan een jaar had mijn moeder niets meer betaald, met als gevolg dat de stad onze elektriciteit had afgesloten. Ik begon te beseffen dat ze al haar geld uitgaf aan plezier en vermaak. Aan drank en drugs.’

‘Ik heb geen moeder meer’

Ondertussen ging het verhaal over haar moeders drugsverslaving als een lopend vuurtje de stad rond. ‘Op de jaarmarkt, waar heel de stad buitenkomt en iedereen elkaar kent, stapten haar vrienden op me af. Ze lieten me weten dat ze fel achteruitging en dat iemand haar moest wakker schudden. Ik was alleen maar kwaad en gedegouteerd. Mijn gedachten waren: “Jullie zijn haar vrienden, jullie doen deze dingen samen met haar. Waarom ben ik dan verantwoordelijk voor haar welzijn?”‘

Beste vriendinnen

‘Voor haar steeds groeiende drugsverslaving waren we twee handen op een buik’, meent Des.  ‘Ze was mijn beste  vriendin. Iemand waarmee ik over alles kon praten. Zelfs mijn vrienden waren jaloers dat ik zo’n coole moeder had. Ze was een beetje de mama van onze vriendengroep en ging zelfs mee feesten.’

‘De periode waarin ze meer en meer laat thuiskwam of gewoon niet thuiskwam, was de periode waarin ik besefte dat ik mijn moeder aan het verliezen was. Wanneer ik haar een berichtje stuurde, of probeerde te bellen, nam ze niet op of negeerde ze mij compleet. Ik herkende mijn eigen moeder niet meer en ik had op dat moment geen moeder meer. Ik was alleen, thuis zonder iets of iemand. Geen gezin en geen familie.’

‘Het was ijskoud en ik had geen middelen om me te verwarmen.’ ©Pexels

Kilte

‘Mijn moeder is dus niet van de ene op de andere dag vertrokken. Haar vertrek ging geleidelijk aan. Na een tijdje kwam ze gewoon niet meer opdagen. Al haar spullen en kledij lagen nog wel thuis. Maar het was precies alsof ze van de aardbol verdwenen was. Niemand had nog iets gehoord van haar. En daar stond ik dan: zonder water, zonder elektriciteit. Ik kon daar niet meer leven want ik had niets meer ter beschikking om mijn basisbehoeften te bevredigen.’

‘Ik was kwaad. Neen, woedend. Ik wou haar nooit meer zien. Ze was, is, mijn moeder niet meer. Ik wou niets meer met haar te maken hebben en wenste haar het slechtste van de wereld toe. Het enige dat ik hoopte was dat ze in de goot zou eindigen en eindelijk zou beseffen welke schade ze allemaal had aangericht. En dat enkel uit puur egoïsme.’

‘Het OCMW wou mij niet helpen’

Mama of kind?

Gesprekken voeren over de verslaving kon Des naar eigen zeggen niet. ‘We hebben het nooit over haar verslaving gehad. Dat was ook met een reden. Ik wist op voorhand dat het een nutteloos gesprek zou worden want ze zou haar verslaving alleen maar ontkennen of weglachen.’

‘Mijn moeder is een volwassen vrouw en ze moet zich ook zo gedragen. Ze is oud genoeg om te weten wat een verslaving met iemand doet en welke gevolgen het heeft. Zij is mijn moeder, niet omgekeerd. In een normale situatie wijst zij mij op de dingen die ik fout doe, niet omgekeerd.’

Een kaarsje branden

‘Er kwamen heel veel problemen bij kijken. Ik kon me niet douchen, had geen gasvuur om warm eten te voorzien en had geen elektriciteit om mijn gsm op te laden. Daar zat ik dan: zittend in de zetel, volledig verpakt in dekens en met een kaars op de salontafel.’

‘Maar er kwam toch iets positiefs uit de bus. Mijn buurvrouw had namelijk besloten om mij op te vangen. Ik kreeg de kans om te douchen bij haar,ze gaf me elke avond warm eten en ze zorgde ervoor dat mijn kledij gewassen was. Voor het eerst in vijf maanden tijd voelde ik me gelukkig. Uiteindelijk ben ik zeven maanden lang bij mijn buurvrouw ingetrokken. Ik wist wel dat ik niet voor altijd bij haar kon blijven, zij mocht mijn last niet meedragen. Dus ging ik op zoek naar een andere woonst.’

‘Ik besloot niet meer om te zoeken, maar om me te laten vinden.’ ©Pexels

Vind mij

Des kreeg naar eigen zeggen veel steun van haar buurvrouw: ‘Mijn buurvrouw heeft mij echt geholpen. Omdat deze situatie onvoorzien was, was het heel moeilijk voor mij om een nieuwe woonst te zoeken. Ik had geen spaarcenten om een waarborg te kunnen neerleggen. Alles in de omgeving was ook zo duur. En naar een andere stad verhuizen was geen optie aangezien ik daar werkte en ik geen rijbewijs had. Het OCMW wou mij ook niet helpen bij de waarborg omdat ik te veel verdiende volgens hen. Mijn loon is gebaseerd op de barema’s wat wil zeggen dat ik het minimum verdien. Ik was maar een simpele verkoopster.’

‘Op het einde van mijn zoektocht was de wanhoop nabij. Maar ik besloot om alles over een andere boeg te gooien. In plaats van dat ik een huurhuis zocht, dacht ik: “Wat als de verhuurders mij nu eens zochten?” Op de zoekertjessite Kapaza plaatste ik een zoekertje waarin stond dat ik dringend op zoek was naar een woonst. Het moest niet modern zijn. Zolang ik mijn basisbehoeften kon bevredigen, was ik blij. Nog geen week later werd ik gecontacteerd door een dame die mij wel kon helpen bij een woonst. Nu, een jaar later, woon ik hier nog steeds. Maar ik ben gelukkig.

‘Je bent niet alleen’

Zwart gat

‘Mijn moeder was de enige die ik nog had van familie en zij was nu opeens verdwenen. Ik had moeite met mensen te vertrouwen want de persoon die ik het meest vertrouwde heeft me laten zitten. Toen viel ik wel even in een zwart gat. Mijn buurvrouw heeft me daar wel uitgetrokken en gaf me een nieuw gevoel over hoe een gezin eigenlijk zou moeten zijn.’

‘Ik was zo kwaad op mijn moeder dat ik haar nooit meer wou zien of horen. Ze was voor mij gewoon dood.  Ik had geen nood meer aan een moeder en mijn vader was al lang uit beeld. Ik moest dus op mijn eigen benen leren staan. Dat is dan ook het enige waarvoor ik haar dankbaar ben. Nu weet ik wat zelfstandig in het leven staan betekent.’

Een plus een

Des en haar moeder hebben recent terug contact met elkaar. ‘Het overlijden van mijn grootmoeder is de reden waarom we nu af en toe terug contact hebben met elkaar. Als mijn oma niet overleden was, dan had ik nu waarschijnlijk nog altijd geen contact met haar. Op dat moment heb ik beslist om het verleden links te laten liggen en verder te kijken naar de toekomst. Vergeven zal ik nooit kunnen, of zelfs niet willen.’

‘Het verschil tussen vroeger en nu is dat we vroeger 1 waren. Moeder en dochter: twee vriendinnen. Nu zijn we gewoon twee mensen die proberen overeen te komen. Ik merk wel dat zij toenadering naar mij zoekt, maar ik blok deze onbewust nog steeds af. Langzaamaan laat ik haar weer toe in mijn leven maar niet als de rol van moeder. Dat zal ik nooit meer kunnen. Uit angst misschien?’

Levensles

‘Ze heeft me nooit verteld over de reden waarom ze is weggegaan. Het enige dat ze mij kan vertellen over die periode is dat het haar spijt en dat ze niet weet waarom ze alles zo heeft laten lopen. Op dit moment zoekt ze hulp om een afbetalingsplan op te zetten zodat ze al haar achterstallige facturen kan betalen en dat ze weer het goede pad op komt. Ik hoop voor haar dat dit lukt.’

Toch heeft Des enkele positieve gevolgen ondervonden: ‘Ik heb hieruit toch wel enkele lessen kunnen trekken. Wat er ook gebeurt in jouw leven, of je nu in een diepe put belandt of niet, je geraakt er altijd wel uit. Het heeft tijd nodig en je moet jezelf omringen met goede mensen. Als iemand in dezelfde situatie als mij zou zitten, heb ik een boodschap: probeer het niet alleen op te lossen. Laat hulp toe. Je bent niet alleen. En probeer enkel te kijken naar de toekomst en blijf niet zitten in de put waar je uit moet kruipen.’

 

 

Tekst: Shauny Verheulpen, foto: ©Pexels