InterviewStoriesTekst

‘School is niet leuk, maar wanneer je niet kan gaan, wil je er wel naartoe’

Yara volgde 2 jaar Bednetles. ©Yara Waegemans

Vrijdag 15 maart staat bekend als de nationale pyjamadag. Die dag worden kinderen en jongeren die wegens langdurige ziekte niet naar school kunnen, gesteund door klasgenoten en leraren die in pyjama naar de klas komen. Dit initiatief gaat uit van Bednet, dat ervoor zorgt dat deze leerlingen van thuis uit de les in de klas live kunnen volgen. In 2018 bereikte Bednet 1008 kinderen. Yara Waegemans (18) uit Brasschaat zit in het vijfde middelbaar Humane Wetenschappen en volgde 2 jaar les via Bednet, toen ze moest revalideren van een beenamputatie.

‘Toen ik 16 jaar was, kreeg ik te horen dat ik kanker had in mijn been. Niet veel later werd mijn been geamputeerd en moest ik revalideren. In het revalidatiecentrum heb ik mijn eerste bednetles gehad.’

Bednetten, hoe?
‘Ik kreeg een laptop met de software van Bednet op. Ik kon de klas zien door een camera die achteraan in het lokaal werd geplaatst en die ik bijvoobeeld kon inzoomen. Zij zagen mij via een computerscherm in de klas. Er waren ook printers aan verbonden. Als ik een test moest maken, kon de leerkracht die inscannen en doorsturen naar mijn printer. Een cool systeem vond ik. In het begin vond ik Bednet een beetje awkward. Het is natuurlijk voor iedereen wennen, maar op den duur is iedereen het gewoon en gaat het zijn gangetje. Het is natuurlijk wel anders omdat iedereen met elkaar kan communiceren, maar jij daar alleen vanachter zit. Ik heb 2 schooljaren met Bednet gewerkt, sinds dit jaar zit ik terug achter de schoolbanken.’

Toetsen, taken en spreekbeurten
‘Op vlak van lessen werd er samen met mijn school beslist welke vakken belangrijk waren en gevolgd moesten worden via Bednet. Ik heb gedragswetenschappen, cultuurwetenschappen en Nederlands via Bednet gevolgd. Van sommige vakken kreeg ik ook thuis les. Ik probeerde alle testen mee te doen, al moesten die soms wel uitgesteld worden. Groepswerken en spreekbeurten deed ik ook mee, maar die moest ik niet zelf presenteren voor de klas. Het tweede jaar ging ik soms naar school, had ik Bednet en kreeg ik ook nog lessen thuis. Ik had een vrij druk schema, maar kreeg ook genoeg vrije tijd om te rusten. Door heel de situatie heb ik mijn vijfde jaar moeten opsplitsen, dus nu volg ik mijn tweede jaar in het vijfde. Ik volg ook enkele vakken uit het zesde, wat leuk is want dan zit ik terug even bij mijn ‘oude’ klas.’

‘Ik kan niet zeggen dat ik me ‘vrijer’ voelde omdat ik thuis zat en niet achter de strenge, typische schoolbanken. Ik voelde me eerder gevangen omdat mijn klasgenoten naar de speelplaats konden en met elkaar konden praten, maar voor mij was dat iets lastiger. School is niet leuk, maar je wilt wel naar school als het dan even niet kan.’

‘Door zo’n gebeurtenis weet je plots wie je echte vrienden zijn.’

En roddelen met vriendinnen dan?
‘Ik had natuurlijk minder en minder contact met mijn vrienden, maar de vrienden die me toen zijn blijven opzoeken, zijn de vrienden waar ik nog steeds mee bevriend ben. Zij hielden me op de hoogte van wat er allemaal op school en daarbuiten gebeurde. Ik woonde toen bij het park en daar gingen we soms naartoe om er toch even op uit te zijn. Ik merkte op den duur wie er moeite deed om me te blijven zien, ook al moest ik vaak zeggen dat ik niet kon. Door zo’n gebeurtenis weet je plots wie je echte vrienden zijn.’

‘Het voelde heel goed om na een lange tijd terug in een ‘echte’ klas te zitten. Ik voelde me al meer een gewone student in de plaats van ‘dat meisje van Bednet’. Dat was voor mij heel belangrijk. Ik ben Bednet heel dankbaar, maar ben toch opgelucht dat ik het niet meer nodig heb.’

Tekst: Sofie Stragier, foto: ©Yara Waegemans